Liever krom gegroeid dan krom gezaagd: Timo en Nick zoeken hout voor stevige spanten

Nick van straalen uit Eemnes en Timo Kruk uit Callantsoog bouwen in opdracht van het Monet Atelier in Zaandam een Zaanse gondel.
Op het schilderij ‘Huizen aan de Achterzaan’ van Claude Monet staat er een afgebeeld waarin wordt geroeid. Hoewel de naam ‘gondel’ misschien anders doet vermoeden, werden ze niet door de rijken gebruikt. Het is een praktisch bootje voor vervoer van de boodschappen en bijvoorbeeld huisraad.

Voor zover bekend bestaat er nog één authentiek exemplaar en die ligt in het Nederlands Openlucht Museum in Arnhem. Op basis van foto’s maken de twee studenten de eerste bouwtekeningen en ze vullen die daarna aan met hun eigen bevindingen, het is work in progress. De replica waaraan ze werken wordt trouwens een slagje groter en krijgt een mast en een roer.

Nick en Timo zijn opgeleid tot meubelmakers bij het Hout- en Meubileringscollege in Amsterdam, met houten jachtbouw als specialisatie. Ze gebruiken tijdelijke spanten van een goedkope houtsoort om hun meesterstuk met de bodem omhoog op te bouwen. Nu die klus bijna is volbracht, moeten daar de definitieve, stevige spanten voor in de plaats komen.

Gemerkte stammen liggen klaar om op maat te worden gezaagd.
Gemerkte stammen liggen klaar om op maat te worden gezaagd.

Als het even kan van krom gegroeid eikenhout, dat een jaar of twee heeft liggen rijpen. Maar waar vind je die? Een ervaren botenbouwer tipt een houthandel in Burgum, Friesland. Timo en Nick rijden er in een met bloemen versierde bestelbus naartoe. ,,Van m’n ouders”, zegt Timo als ze daar aankomen, door het opengedraaide raam.

Ze stappen uit om de beide toegangshekken helemaal open te duwen. Michiel van Leersum, die samen met zijn vader Jaap de eigenaar is van het bedrijf, Inlands Hout, helpt een handje. Zijn vader is de houthandel dertig jaar geleden begonnen. Michiel: ,,Hij werkte aan een botter en had hout nodig voor reparaties.” Waar vind je een geschikte boom voor nieuwe spanten? Ook Jaap van Leersum moest destijds op zoek. ,,Als je zelf aan een boot hebt gewerkt, weet je welke bomen geschikt zijn voor krommers en hoe je die moet zagen.” Het leidde tot meer krom gegroeide bomen en doorverkoop. Inmiddels is het hun specialiteit.

Als je zelf aan een boot hebt gewerkt, weet je welke bomen geschikt zijn.

,,We hebben deze grond voor een landbouwprijs gekocht”, vertelt Michiel. ,,Dat zie je terug in de prijs.” Het verklaart mede de belangstelling uit andere delen van het land. Tot voor kort verkochten hij en zijn vader uitsluitend complete bomen, die op het terrein hebben liggen rijpen, maar inmiddels staat er ook een zaagmachine. De boomdelen die Timo en Nick uitzoeken, worden er straks mee gezaagd.

Michiel, Nick en Timo tussen de krommers van de houthandel.
Michiel, Nick en Timo tussen de krommers van de houthandel.

Het drietal loopt naar een stapel bomen (krommers) waaruit spanten gezaagd kunnen worden. Ze zijn krom geroeid of hebben een stevige vertakking. ,,Het zijn vaak de bomen aan de rand van het bos die krom groeien”, zegt Timo. ,,Ze willen naar het licht toe. Een boom die tussen andere staat, groeit meestal recht omhoog.” Michiel: ,,Het komt soms ook doordat er veel stenen in de grond zitten. De worteltakken moeten daartussen een weg zoeken en dat zie je boven de grond terug in de groeirichtingen.” Hij zet zijn voet op een boom die flink bochtig is. Op de bast staan roze strepen. ,,Deze moet ik van de week even doen.” Zagen, bedoelt hij. Voor een Friese botenbouwer. De roze strepen zijn er door de koper opgezet en geven de lengtes aan. Aldus moet-ie in stukken.

In de zagerij staat een bok. Michiel: ,,Valt jullie iets op?” Al te lang krijgen ze niet voor een antwoord. ,,Deze bok is met duvels in elkaar gezet. Niet met schroeven.” Voor het zagen wordt een boom in de holte gelegd en nauwkeurig bekeken en bemeten met een metaaldetector. Ik begin altijd met het verwijderen van metalen voorwerpen”, zegt hij, ,,anders wordt de zaag bot. Je komt de gekste dingen tegen. Spijkers vooral, want mensen slaan bordjes op bomen, of hangen vogelhuisjes op.”

Koekblik met stukken ijzer die Michiel van Leersum met een metaaldetector uit de bomen haalt.
Koekblik met stukken ijzer die Michiel van Leersum met een metaaldetector uit de bomen haalt.

Wat misschien minder voor de hand ligt: granaatscherven treft hij ook regelmatig aan. Vooral in bomen uit de bossen bij Arnhem. Hij pakt een bus van de plank waarin jodenkoeken hebben gezeten. Vol met stukjes metaal. Spijkers, scherven en zelfs een complete nijptang die in een stam was vastgegroeid. ,,Je ziet het vaak al aan de blauwe vlekken in het hout.” Hij pakt een stukje hout met een spijker erin ter illustratie. ,,Soms zie je zo’n vlek en is het metaal al helemaal vergaan.”

Aan de zaagmachine, waarmee zelfs flinke bomen in de lengte zijn door te zagen, zitten een paar stevige borstels. Die vegen zodanig over het hout, zodat ongedierte als houtworm en boktorren uit de bast en het zachte spinthout op de grond belanden, en niet op de plank.

,,Laden met de heftruck gaat niet lukken”, concludeert Michiel even later. Hij had ook verwacht dat ze met een aanhanger zouden komen. Nick laat zijn vinger meegaan met de houtnerf van de bovenste plank. ,,Kijk, die loopt mooi rond.” Hij klopt op de plek waar een aantakking zichtbaar is. ,,En daar is het hout extra sterk.” Dat komt door een opeenstapeling van houtcellen. ,,De structuur is daar extra dicht.” Van een stam met een vertakking valt dus ook zo’n ‘krommer’ te zagen.

Na twee jaar buiten heb je nog ongeveer 13 procent vocht in het hout.

,,Eiken moet altijd even liggen”, zegt Michiel. ,,Anders ontstaan scheuren of trekt het hout krom. De kans daarop is in ieder geval groter als je het ‘nat’ verwerkt en dan is al het werk voor niets geweest. Langzaam laten drogen dus. ,,Je moet weten hoe lang het duurt voordat een bepaalde houtsoort voldoende gedroogd is. In een klimaatkamer kun je dat proces versnellen, daarin breng je de vochtigheidsgraad van het hout sneller naar omlaag. Na twee jaar buiten heb je nog ongeveer 13 procent vocht in het hout. Meubelhout moet trouwens droger zijn. Iets van 7 procent.”

Er liggen nu lange en korte stukken klaar voor Timo en Nick. De korte zijn voor zogenaamde kniestukken. Die komen ter versteviging tegen de onderste gang en de bodem, maar lopen niet door. De lange zijn voor de spanten, die lopen wel door over de bodem, van gang naar gang.

Nick: ,,Dit smeren we tussen de planken die de bodem vormen en de spanten.” Hij houdt z’n telefoon omhoog met een foto van het middel. ,,Het is een teervervanger.” Teer mag niet meer, dat is schadelijk voor het milieu. ,,Met dit spul voorkom je dat een rotte plank ook de spanten aansteekt.”

Tijdens het inladen van een paar dikke eiken planken, adviseert Michiel: ,,Zoek straks niet steeds de beste stukken uit als je begint met zagen, want dan krijg je de mindere stukken allemaal aan een kant. Beter is vooraf te bepalen welke je waar wilt hebben. Maak een evenwichtige verdeling.”

Als je de volgende reportages ook wilt lezen – ik schrijf ze voorlopig maandelijks – vul dan hieronder je gegevens in (mailadres is voldoende).  Je ontvangt ze dan in je mailbox.